Overzicht
Nederlands naar Zweeds:   Meer gegevens...
  1. afschrift:
  2. Wiktionary:


Nederlands

Uitgebreide vertaling voor afschrift (Nederlands) in het Zweeds

afschrift:

afschrift [het ~] zelfstandig naamwoord

  1. het afschrift (transcriptie; kopie)
    kopia; avskrift; duplikat
    • kopia [-en] zelfstandig naamwoord
    • avskrift [-en] zelfstandig naamwoord
    • duplikat [-ett] zelfstandig naamwoord
  2. het afschrift
    avskrift

Vertaal Matrix voor afschrift:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
avskrift afschrift; kopie; transcriptie copie; kopij; transcript
duplikat afschrift; kopie; transcriptie copie; duplicaat; fotokopie; kopie
kopia afschrift; kopie; transcriptie CC; copie; duplicaat; exemplaar; fotokopie; kopie; kopij

Wiktionary: afschrift


Cross Translation:
FromToVia
afschrift kopia copy — result of copying; an identical duplication

Verwante vertalingen van afschrift