Overzicht
Nederlands naar Zweeds:   Meer gegevens...
  1. afwijking:
  2. Wiktionary:


Nederlands

Uitgebreide vertaling voor afwijking (Nederlands) in het Zweeds

afwijking:

afwijking [de ~ (v)] zelfstandig naamwoord

  1. de afwijking (handicap; gebrek)
    handikapp
  2. de afwijking
    avvikelse

Vertaal Matrix voor afwijking:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
avvikelse afwijking afwijkingen; schelen; uitweiding; uitwijking; verschillen
handikapp afwijking; gebrek; handicap gebrek; handicap; handicaps; invaliditeit; lichaamsgebrek
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
avvikelse afgeweken

Wiktionary: afwijking


Cross Translation:
FromToVia
afwijking avvikelse departure — Deviation from a plan or procedure
afwijking aberration; avvikelse; förvillelse aberrationécart d’imagination, erreur de jugement ; absurdité.
afwijking avvikelse; ändring; ingrepp dérogationaction de déroger à une loi, à un acte quelconque de l’autorité public, à un traité, à un usage, à des droits, etc., ou résultat de cette action.