Overzicht
Nederlands naar Zweeds:   Meer gegevens...
  1. canapé:


Nederlands

Uitgebreide vertaling voor canapé (Nederlands) in het Zweeds

canapé:

canapé [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord

  1. de canapé (sofa)
    soffa; vilobädd
  2. de canapé (zitbank; bank)
    sittbänk; soffa; slaf
    • sittbänk zelfstandig naamwoord
    • soffa [-en] zelfstandig naamwoord
    • slaf [-en] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor canapé:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
sittbänk bank; canapé; zitbank
slaf bank; canapé; zitbank ligbank; rustbank
soffa bank; canapé; sofa; zitbank bankstel; divan; ligbank; rustbank; rustbed
vilobädd canapé; sofa

Verwante woorden van "canapé":

  • canapés