Overzicht
Nederlands naar Zweeds:   Meer gegevens...
  1. gehucht:
  2. Wiktionary:
    • gehucht → by


Nederlands

Uitgebreide vertaling voor gehucht (Nederlands) in het Zweeds

gehucht:

gehucht [het ~] zelfstandig naamwoord

  1. het gehucht (buurtschap; gat)
    liten by

Vertaal Matrix voor gehucht:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
liten by buurtschap; gat; gehucht

Verwante woorden van "gehucht":

  • gehuchten

Wiktionary: gehucht


Cross Translation:
FromToVia
gehucht by hamlet — small village