Overzicht
Nederlands naar Zweeds:   Meer gegevens...
  1. lafaard:
  2. Wiktionary:


Nederlands

Uitgebreide vertaling voor lafaard (Nederlands) in het Zweeds

lafaard:

lafaard [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord

  1. de lafaard (lafbek; groentje; melkmuil)
    mes; hare; fegis; rookie
    • mes [-en] zelfstandig naamwoord
    • hare [-en] zelfstandig naamwoord
    • fegis [-en] zelfstandig naamwoord
    • rookie zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor lafaard:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
fegis groentje; lafaard; lafbek; melkmuil angsthaas; bangerd; bangerik; hazenpoot; zwakkeling
hare groentje; lafaard; lafbek; melkmuil funk; gangmakers; haas; langoor; stemmingmakers
mes groentje; lafaard; lafbek; melkmuil angsthaas; bangerd; bangerik; hazenpoot; huismus; zwakkeling
rookie groentje; lafaard; lafbek; melkmuil eerstejaars; eerstejaars student; foet; groentje; nieuweling; nieuwkomer

Verwante woorden van "lafaard":

  • lafaards

Wiktionary: lafaard


Cross Translation:
FromToVia
lafaard mes; fegis coward — a person who lacks courage