Overzicht
Nederlands naar Zweeds:   Meer gegevens...
  1. motor:
  2. Wiktionary:


Nederlands

Uitgebreide vertaling voor motor (Nederlands) in het Zweeds

motor:

motor [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord

  1. de motor (aandrijving)
    motor
    • motor [-en] zelfstandig naamwoord
  2. de motor
    – machine die loopt op brandstof 1
    motor
    • motor [-en] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor motor:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
motor aandrijving; krachtwerktuig; motor engine; locomotief; lokomotief; programma

Verwante woorden van "motor":


Verwante definities voor "motor":

  1. machine die loopt op brandstof1
    • wat voor motor zit er in dit apparaat?1
  2. vervoermiddel op twee wielen en machine die hem voortbeweegt1
    • we gaan op de motor naar Italië1

Wiktionary: motor


Cross Translation:
FromToVia
motor motor engine — mechanical device
motor motor motor — engine
motor motor moteur — anatomie|fr muscles qui font se mouvoir un membre.
motor motorcykel motovéhicule motorisé à deux roues de puissance suffisante pour rouler sur les routes au même titre que les automobiles.