Overzicht
Nederlands naar Zweeds:   Meer gegevens...
  1. van elkaar aftrekken:


Nederlands

Uitgebreide vertaling voor van elkaar aftrekken (Nederlands) in het Zweeds

van elkaar aftrekken:

van elkaar aftrekken [znw.] zelfstandig naamwoord

  1. van elkaar aftrekken (substractie; het aftrekken; aftrekking)
    subtraktion

Vertaal Matrix voor van elkaar aftrekken:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
subtraktion aftrekking; het aftrekken; substractie; van elkaar aftrekken

Verwante vertalingen van van elkaar aftrekken