Overzicht
Zweeds naar Engels:   Meer gegevens...
  1. chip:
  2. Wiktionary:


Zweeds

Uitgebreide vertaling voor chip (Zweeds) in het Engels

chip:

chip [-ett] zelfstandig naamwoord

  1. chip (flisa; skiva; bit; skärva)
    the chip
    • chip [the ~] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor chip:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
chip bit; chip; flisa; mikroprocessor; skiva; skärva fjälla; flaga; trä spån
WerkwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
chip finhacka; hacka
OverVerwante vertalingenAndere vertalingen
chip flisa; spåna

Wiktionary: chip


Cross Translation:
FromToVia
chip chip ChipInformatik, Technik: Recheneinheit eines Computers, dessen sämtliche Bauteile auf einem Chip[1] untergebracht sind
chip chip ChipSingular ungebräuchlich: mit Fett gebackene oder frittieren dünne Kartoffelscheibe
chip chip ChipSpielmarke bei Glücksspielen