Zweeds

Uitgebreide synoniemen voor charm in het Zweeds

charm:

charm [-en] zelfstandig naamwoord

  1. charm
    charm; utstrålning
  2. charm
    attraktivitet; charm; tjusning; förtrollning; ljuvhet
  3. charm
    inviterande; charm
  4. charm
    charm
    • charm [-en] zelfstandig naamwoord
  5. charm
    söthet; charm; vänlighet; älskvärdhet