Engels naar Nederlands:   Meer gegevens...
  1. fidelity:
  2. Wiktionary:


Uitgebreide vertaling voor fidelity (Engels) in het Nederlands


fidelity [the ~] zelfstandig naamwoord

  1. the fidelity (loyalty; faithfulness; fealty)
    de loyaliteit; de trouw; de getrouwheid; trouwhartigheid
  2. the fidelity
    – The degree of precision and exactness with which one entity represents another. 1
    de beeldkwaliteit

Vertaal Matrix voor fidelity:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
beeldkwaliteit fidelity
getrouwheid faithfulness; fealty; fidelity; loyalty
loyaliteit faithfulness; fealty; fidelity; loyalty
trouw faithfulness; fealty; fidelity; loyalty ambition; assiduousness; dedication; devotion; diligence; passion
trouwhartigheid faithfulness; fealty; fidelity; loyalty
- faithfulness
Bijvoeglijk NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
trouw faithful; loyal
OverVerwante vertalingenAndere vertalingen
- faithfulness; loyalty; quality of sound

Verwante woorden van "fidelity":

Synoniemen voor "fidelity":

Antoniemen van "fidelity":

Verwante definities voor "fidelity":

  1. accuracy with which an electronic system reproduces the sound or image of its input signal2
  2. the quality of being faithful2
  3. The accuracy with which an image is reproduced on your personal computer.1
  4. The degree of precision and exactness with which one entity represents another.1

Wiktionary: fidelity

  1. het zich houden aan...

Cross Translation:
fidelity getrouwheid; trouw fidélitéattachement à ses devoirs, à ses affections, régularité à remplir ses engagements.

Verwante vertalingen van fidelity