Overzicht
Nederlands naar Duits:   Meer gegevens...
  1. pluche:
  2. Wiktionary:


Nederlands

Uitgebreide vertaling voor pluche (Nederlands) in het Duits

pluche:

pluche [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord

  1. de pluche (pluis)
    der Plüsch; die Fluse
    • Plüsch [der ~] zelfstandig naamwoord
    • Fluse [die ~] zelfstandig naamwoord

pluche bijvoeglijk naamwoord

  1. pluche
    plüschen

Vertaal Matrix voor pluche:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
Fluse pluche; pluis
Plüsch pluche; pluis
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
plüschen pluche

Verwante woorden van "pluche":

  • pluchen

Wiktionary: pluche


Cross Translation:
FromToVia
pluche Plüsch plush — A textile fabric
pluche Plüsch peluche — text|fr étoffe de laine, de soie, de fil, analogue au velours, mais dont le poil est long, couché et brillant.