Overzicht
Nederlands naar Frans:   Meer gegevens...
  1. feilloosheid:
  2. feilloos:
  3. Wiktionary:


Nederlands

Uitgebreide vertaling voor feilloosheid (Nederlands) in het Frans

feilloosheid:

feilloosheid [znw.] zelfstandig naamwoord

  1. feilloosheid
    l'infaillibilité

Vertaal Matrix voor feilloosheid:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
infaillibilité feilloosheid onfeilbaarheid

Verwante woorden van "feilloosheid":


feilloos:

feilloos bijvoeglijk naamwoord

  1. feilloos (foutloos; zuiver)
    infaillible; impeccable; sans faute

Vertaal Matrix voor feilloos:

BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
impeccable feilloos; foutloos; zuiver brandhelder; brandschoon; briljant; correct; eersteklas; eersterangs; excellent; flitsend; foutloos; gaaf; gelikt; hip; ideaal; keurig; kraakhelder; onaangetast; onberispelijk; onbesproken; onverbeterlijk; opperbest; patent; perfect; picobello; piekfijn; puik; puntgaaf; smetteloos; snel; subliem; superbe; tiptop; top; tot de beste klasse behorend; trendy; uitgelezen; uitgezocht; uitmuntend; uitnemend; uitstekend; vlekkeloos; vlot; volmaakt; voortreffelijk
infaillible feilloos; foutloos; zuiver onfeilbaar
sans faute feilloos; foutloos; zuiver

Verwante woorden van "feilloos":


Wiktionary: feilloos


Cross Translation:
FromToVia
feilloos impeccable; sans défaut; parfait flawless — perfect; without flaws, shortcomings or defects