Overzicht
Nederlands naar Zweeds:   Meer gegevens...
  1. uitrit:


Nederlands

Uitgebreide vertaling voor uitrit (Nederlands) in het Zweeds

uitrit:

uitrit [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord

  1. de uitrit
    utgång
    • utgång [-en] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor uitrit:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
utgång uitrit afloop; afrit; resultaat; uitgang; uitkomst; uitloop; uitweg