Overzicht


Nederlands

Uitgebreide vertaling voor stapeltje (Nederlands) in het Spaans

stapeltje:

stapeltje [het ~] zelfstandig naamwoord

  1. het stapeltje (hoopje)
    la pila; el cúmulo; el montoncito
    • pila [la ~] zelfstandig naamwoord
    • cúmulo [el ~] zelfstandig naamwoord
    • montoncito [el ~] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor stapeltje:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
cúmulo hoopje; stapeltje berg; hoop; kluit; opeenstapeling; opstapeling; stapel; stapelwolk
montoncito hoopje; stapeltje
pila hoopje; stapeltje aanrecht; accu; accumulator; bak; barrel; batterij; berg; emmer; fust; gootsteen; grote hoeveelheid; hoop; kuip; massa; overvloed; pijler; pot; spoelbak; stack; stapel; teil; ton; vat

Verwante woorden van "stapeltje":


stapel:

stapel [de ~ (m)] zelfstandig naamwoord

  1. de stapel (opeenhoping; accumulatie; ophoping; hoop; opeenstapeling)
    el trastos; la acumulación; la colección; la masa; el desbarajuste; el acumulamiento
  2. de stapel (hoop; opeenstapeling; opstapeling)
    la cartera; la masa; la agrupación; el grupo; la acumulación; la colección; el cúmulo; el acumulamiento
  3. de stapel
    la baraja
    • baraja [la ~] zelfstandig naamwoord
  4. de stapel
    la pila
    • pila [la ~] zelfstandig naamwoord

Vertaal Matrix voor stapel:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
acumulación accumulatie; hoop; opeenhoping; opeenstapeling; ophoping; opstapeling; stapel accumulatie; bende; berg; cumulatie; cumuleren; groep; hoop; massa; opaarden; opeenhopen; opeenhoping; ophopen; ophoping; opstapelen; opstopping; samenscholing; samenvoeging; selectie; sortering; stapelen; stel; troep; verhogen; verstopping; verzameling
acumulamiento accumulatie; hoop; opeenhoping; opeenstapeling; ophoping; opstapeling; stapel
agrupación hoop; opeenstapeling; opstapeling; stapel accumulatie; ambachtsgilde; bende; bond; broederschap; bundel; club; coöperatie; factie; genootschap; gezelschap; gilde; groep; groepering; hoop; orde; organisatie; samenscholing; samenwerkingsverband; societiet; sociëteit; soos; troep; unie; vakgenootschap; vereniging
baraja stapel gespeel; kaartspel; kinderspel; spel
cartera hoop; opeenstapeling; opstapeling; stapel aktenmap; aktetas; beurs; billfold; boekentas; knip; portefeuille; portemonnaie; portemonnee; portfolio; schooltas; tas
colección accumulatie; hoop; opeenhoping; opeenstapeling; ophoping; opstapeling; stapel accumulatie; allegaartje; assortiment; bundel; collectie; compilatie; gedichtenverzameling; groep van twee of meer; keur; keuze; koppel; massa; mengelmoes; opeenhoping; ophoping; samenraapsel; schifting; selectie; sortering; sortiment; span; stel; verzameling
cúmulo hoop; opeenstapeling; opstapeling; stapel berg; hoop; hoopje; kluit; stapeltje; stapelwolk
desbarajuste accumulatie; hoop; opeenhoping; opeenstapeling; ophoping; stapel allegaartje; gezichtsmasker; mengelmoes; samenraapsel; smeerboel; soepzootje; wanorde; wanordelijkheid; zooitje
grupo hoop; opeenstapeling; opstapeling; stapel aantal personen bijeen; accumulatie; allegaartje; ambachtsgilde; bende; bond; club; cluster; distributiegroep; distributielijst; drom; factie; gezelschap; gilde; groep; groep van twee of meer; groepering; hoop; horde; koppel; kudde; massa; mengelmoes; meute; opeenhoping; ophoping; orde; organisatie; pool; puinhoop; puinzooi; rommel; rotzooi; samenraapsel; samenscholing; schaar; schare; selectie; societiet; sociëteit; soos; sortering; span; stel; troep; unie; vakgenootschap; vereniging; verzameling; volksgroepering; zooi; zootje; zuil
masa accumulatie; hoop; opeenhoping; opeenstapeling; ophoping; opstapeling; stapel aardig wat; achterbuurtvolk; allegaartje; berg; beslag; deeg; drom; hoop; horde; klootjesvolk; kluit; knoedels; kudde; massa; mengelmoes; menigte; mensenmassa; noedels; oploopje; pasta; samenkomst; samenraapsel; schaar; schare; toeloop; troep; volksmenigte
pila stapel aanrecht; accu; accumulator; bak; barrel; batterij; berg; emmer; fust; gootsteen; grote hoeveelheid; hoop; hoopje; kuip; massa; overvloed; pijler; pot; spoelbak; stack; stapeltje; teil; ton; vat
trastos accumulatie; hoop; opeenhoping; opeenstapeling; ophoping; stapel bocht; junk; prullaria; rommel; slechte drank

Verwante woorden van "stapel":


Wiktionary: stapel

stapel
noun
  1. een gestructureerde hoop spullen
  2. een houten stokje ingeklemd tussen het boven- en onderblad van de klankkast van een snaarinstrument

Cross Translation:
FromToVia
stapel montón pile — heap
stapel pila stack — a pile of identical objects
stapel aberrante; alienado; anormal aberrant — Qui diffère de la normale.
stapel masa; acervo; montón; cúmulo; pila masseamas de plusieurs parties qui faire corps ensemble.