Nederlands

Uitgebreide vertaling voor engheid (Nederlands) in het Frans

engheid:

engheid [de ~ (v)] zelfstandig naamwoord

  1. de engheid (engdenkendheid)
    l'étroitesse; la mesquinerie

Vertaal Matrix voor engheid:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
mesquinerie engdenkendheid; engheid armzaligheid; karigheid; kleinigheid; poverheid; schamelheid; schraalheid; snuisterij
étroitesse engdenkendheid; engheid engte; kleinheid; nauwheid; smalheid; smalte

Verwante woorden van "engheid":


eng:

eng bijvoeglijk naamwoord

  1. eng (met weinig ruimte; nauw; krap)
    étroit; serré; restreint; étroitement; petitement; juste; tout juste; avec peu d'espace
  2. eng (van geringe breedte; nauw; smalletjes; smal)
    étroit; serré; petit; restreint; étouffé; ténu; étroitement; limité; étouffant; pressant; petitement
  3. eng (griezelig; sinister; akelig)
    louche; angoissant; sinistre; lugubre; qui donne le frisson; macabre; à faire frémir; de façon sinistre
  4. eng (dreigend)
    menaçant; effrayant; horrible; précaire; angoissant; terrifiant; précairement
  5. eng (beangstigend)
    terrifiant; effrayant; lugubre; sinistre
  6. eng (angstaanjagend; beangstigend)
    horrifiant; angoissant; terrifiant; épouvantable; qui donne le frisson
  7. eng (angstaanjagend; schrikwekkend; griezelig; )
    horrifiant; angoissant; terrifiant; épouvantable; alarmant; inquiétant

Vertaal Matrix voor eng:

Zelfstandig NaamwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
juste eerlijke; rechtschapene; rechtvaardige
louche lepel; opscheplepel
petit baby; dreumes; hondje; hummel; jong; jonge kat; katje; kind; kind dat aan de borst is; klein kind; klein meisje; kleine jongen; kleintje; kleuter; peuter; poesje; uk; welp; wichtje; worm; wurm; zuigeling
sinistre catastrofe; ramp; schadegeval
BijwoordVerwante vertalingenAndere vertalingen
alarmant angstaanjagend; angstwekkend; eng; griezelig; schrikaanjagend; schrikwekkend; vreesaanjagend; vreeswekkend angstwekkend; onrustbarend; ontstellend; verontrustend; zorgelijk; zorgwekkend
angoissant akelig; angstaanjagend; angstwekkend; beangstigend; dreigend; eng; griezelig; schrikaanjagend; schrikwekkend; sinister; vreesaanjagend; vreeswekkend angstaanjagend; angstwekkend; geducht; gevaarlijk; vervaarlijk; vreeswekkend
avec peu d'espace eng; krap; met weinig ruimte; nauw
de façon sinistre akelig; eng; griezelig; sinister dreigend; duister; huiveringwekkend; ijselijk; ijzingwekkend; luguber; onheilspellend; sinister
effrayant beangstigend; dreigend; eng angstaanjagend; angstwekkend; bliksems; geducht; gevaarlijk; godgeklaagd; hemeltergend; ijzingwekkend; ontzettend; schrikbarend; schrikwekkend; ten hemel schreiend; verdraaid; verduiveld; vervaarlijk; vreeswekkend; vreselijk; zeer ergerlijk
horrible dreigend; eng afgrijselijk; afschrikwekkend; afschuwelijk; afschuwwekkend; afzichtelijk; angstaanjagend; angstwekkend; foeilelijk; geducht; gevaarlijk; gruwelijk; monsterlijk; oerlelijk; ontzettend; schrikaanjagend; schrikbarend; schrikwekkend; verschrikkelijk; vervaarlijk; vreeswekkend; vreselijk
horrifiant angstaanjagend; angstwekkend; beangstigend; eng; griezelig; schrikaanjagend; schrikwekkend; vreesaanjagend; vreeswekkend
inquiétant angstaanjagend; angstwekkend; eng; griezelig; schrikaanjagend; schrikwekkend; vreesaanjagend; vreeswekkend angstwekkend; benard; benauwd; erg; ernstig; hachelijk; kritiek; kwalijk; onrustbarend; ontstellend; penibel; van bedenkelijke aard; verontrustend; zorgelijk; zorgwekkend
juste eng; krap; met weinig ruimte; nauw aannemelijk; beslist; braaf; chagrijnig; correct; daarnet; degelijk; eerlijk; fair; feitelijk; geconcentreerd; gefundeerd; gegrond; geheid; geldig; gewis; goed; grondig; heus; ingespannen; integer; juist; kloppend; knorrig; korzelig; krek; logisch; nauw; nauwsluitend; net; nog maar; nors; nurks; onbesproken; onkreukbaar; op goede gronden steunend; pas; precies; rakelings; rechtgeaard; rechtschapen; rechtvaardig; reëel; solide; steekhoudend; stellig; strak; ternauwernood; uitgerekend; valabel; valide; van sterk gehalte; vast; vast en zeker; verdiept; voorzeker; waar; waarachtig; waarlijk; welzeker; zeker; zojuist; zonet; zorgvuldig
limité eng; nauw; smal; smalletjes; van geringe breedte aan een kant beschrijfbaar; afgegrensd; begrensd; beperkt; eenzijdig; geborneerd; gelimiteerd; ingeperkt
louche akelig; eng; griezelig; sinister donker; dubieus; duister; duivelachtig; duivels; glibberig; kwaadaardig; louche; obscuur; onbetrouwbaar; onduidelijk; onguur; verdacht; wollig
lugubre akelig; beangstigend; eng; griezelig; sinister donker; dreigend; droefgeestig; dubieus; duister; glibberig; huiveringwekkend; luguber; macaber; melancholisch; naar; naargeestig; obscuur; onguur; onheilspellend; sinister; somber; spookachtig; verdacht
macabre akelig; eng; griezelig; sinister luguber; macaber; spookachtig
menaçant dreigend; eng afkerig van; bedreigend; gevaarlijk; vijandelijk; vijandig
petit eng; nauw; smal; smalletjes; van geringe breedte bekrompen; benepen; klein; kleingeestig; kleinzielig; ondermaats; petieterig; van geringe afmeting
petitement eng; krap; met weinig ruimte; nauw; smal; smalletjes; van geringe breedte bekrompen; benepen; bourgeois; burgerlijk; burgermannetjesachtig; dunnetjes; kleingeestig; kleinzielig; kneuterig; magertjes; petieterig; schraal; schraaltjes; sobertjes
pressant eng; nauw; smal; smalletjes; van geringe breedte broodnodig; dringend; hoognodig; klemmend; lastig; met een groot gewicht; met spoed; moeilijk; niet makkelijk; ongemakkelijk; spoedeisend; urgent; zwaar
précaire dreigend; eng delicaat; gevaarlijk; gewaagd; hachelijk; kritiek; lastig; los; netelig; onvast; penibel; precair; rank; wankel; wankelbaar; wankelend
précairement dreigend; eng delicaat; gevaarlijk; gewaagd; hachelijk; kritiek; lastig; netelig; penibel; precair
qui donne le frisson akelig; angstaanjagend; beangstigend; eng; griezelig; sinister dreigend; duister; huiveringwekkend; ijselijk; ijzingwekkend; luguber; onheilspellend; sinister
restreint eng; krap; met weinig ruimte; nauw; smal; smalletjes; van geringe breedte aan een kant beschrijfbaar; begrensd; beperkt; dichtbij; eenzijdig; geborneerd; gelimiteerd; in de buurt; nabij; nabijgelegen; vlakbij
serré eng; krap; met weinig ruimte; nauw; smal; smalletjes; van geringe breedte beklemd; bekneld; bekrompen; benepen; chagrijnig; dringend; geklemd; kleingeestig; kleinzielig; klemgereden; klemgezet; klemmend; knorrig; korzelig; met spoed; nauw; nauwsluitend; nors; nurks; onbuigzaam; onverzettelijk; spoedeisend; stijfkoppig; strak; stug; taai; urgent
sinistre akelig; beangstigend; eng; griezelig; sinister donker; dreigend; dubieus; duister; glibberig; huiveringwekkend; ijselijk; ijzingwekkend; luguber; macaber; naargeestig; obscuur; onguur; onheilspellend; sinister; somber; spookachtig; triest; troosteloos; verdacht; zwaarmoedig
terrifiant angstaanjagend; angstwekkend; beangstigend; dreigend; eng; griezelig; schrikaanjagend; schrikwekkend; vreesaanjagend; vreeswekkend angstaanjagend; angstwekkend; barbaars; beestachtig; bruut; geducht; gevaarlijk; ijzingwekkend; inhumaan; monsterlijk; onmenselijk; ontzettend; schrikaanjagend; schrikbarend; schrikwekkend; verschrikkelijk; vervaarlijk; vreeswekkend; vreselijk; wreed
tout juste eng; krap; met weinig ruimte; nauw amper; bijna geen; haast geen; nauwelijks; net; nog maar pas; op het nippertje; rakelings; ternauwernood
ténu eng; nauw; smal; smalletjes; van geringe breedte
à faire frémir akelig; eng; griezelig; sinister
épouvantable angstaanjagend; angstwekkend; beangstigend; eng; griezelig; schrikaanjagend; schrikwekkend; vreesaanjagend; vreeswekkend afgrijselijk; afschuwelijk; angstwekkend; barbaars; beestachtig; bruut; fantastisch; formidabel; geducht; geweldig; gruwelijk; ijzingwekkend; in hoge mate; inhumaan; knudde; monsterlijk; onmenselijk; ontzettend; prachtig; schrikaanjagend; schrikbarend; schrikwekkend; verschrikkelijk; vervaarlijk; vreeswekkend; vreselijk; wreed
étouffant eng; nauw; smal; smalletjes; van geringe breedte adembenemend; bedompt; benauwd; broeierig; drukkend; muf; verstikkend; zwoel
étouffé eng; nauw; smal; smalletjes; van geringe breedte afgedempt; gedempt
étroit eng; krap; met weinig ruimte; nauw; smal; smalletjes; van geringe breedte bekrompen; kleinburgerlijk; nauw; nauwsluitend; strak
étroitement eng; krap; met weinig ruimte; nauw; smal; smalletjes; van geringe breedte nauw; nauwsluitend; strak

Verwante woorden van "eng":

  • engheid, enger, engere, engst, engste, enge

Wiktionary: eng

eng
adjective
  1. angst veroorzakend
  2. met weinig tussenruimte
eng
adjective
  1. Traductions à trier suivant le sens

Cross Translation:
FromToVia
eng étroite; étroit eng — schmal, nahe anliegend; von relativ geringer Ausdehnung
eng sinistre scary — causing, or able to cause, fright